Tagarchief: zinloos geweld

100 x bemoeizucht, één citaat

Standaard

Dit is mijn honderdste artikel op dit blog. Daarom voor één keer een citaat:

“Every time we witness an injustice and do not act, we train our character to be passive in its presence and thereby eventually lose all ability to defend ourselves and those we love.”

Julian Assange, founder & editor-in-chief of WikiLeaks 

Waarom wil iemand hufter-hunter zijn?

Standaard

Het motto van deze site is: “Het is een kutklus maar iemand moet het doen.” Mensen vragen mij regelmatig waarom ik het überhaupt doe, dat ‘lastig vallen’ van hufters. Anderen nemen mij kwalijk dat ik niet ook de mensen lastig val die zij als hufters beschouwen. Om met die laatste vraag te beginnen, hier in Frankrijk zeggen ze wel: “On est toujours le con de quelqu’un.” Ofwel: ‘Iedereen is wel iemands klootzak’. Niemand is volledig zonder hufterige eigenschappen. Hufters zat. Je moet dus een keuze maken. En mijn hufters kies ik zelf, dank u wel.

Wie zijn mijn hufters?
Waarop selecteer ik dan mijn hufters? Dat raakt aan de eerste vraag. Aan het waarom van mijn acties. Mijn hufters misbruiken hun machtspositie om min of meer onschuldige mensen kapot te schrijven, te belasteren of te pesten. Het zijn de haantjes, de macho’s, de Lees de rest van dit bericht

Hufterige TV is van alle tijden (maar daarom niet minder hufterig)

Standaard

Televisie waarvan je enigszins geschokt zegt: “Ooohhhh, wat zegt hij nou?” kan heel verhelderend werken. Als een programmamaker, komiek of satiricus jouw grenzen overschrijdt word je je daarmee bewust van die grenzen. Dus kun je er over nadenken. Waarom ben ik geschokt? Hoe erg is het eigenlijk? Leerzaam.

Een van de eerste echte ‘schokkers’ op TV was Paul de Leeuw. Die maakte in zijn programma grappen over en met blinden of mongooltjes. Veel mensen waren geschokt. Ik ook. Maar als je dan nadenkt over wat hij precies doet, zie je dat er geen enkel kwaad uit sprak. Paul de Leeuw had helemaal niks tegen zijn ‘slachtoffers’. Natuurlijk was hij zich bewust dat hij spannende televisie aan het maken was, maar hij wilde zijn gasten zeker geen schade toebrengen. De intentie was niet respectloos. Sterker, je kreeg respect voor de gasten omdat die Lees de rest van dit bericht

De hufter in de hunter

Standaard

In iedereen schuilt een hufter. De verleiding is soms groot om iemand een veeg uit de pan te geven. Dat is overigens niet erg. Je mag iemand best beledigen als die dat in jouw ogen verdient. Waarbij ik wél vind dat die belediging dan inhoudelijk to the point moet zijn. Soms is dat onderscheid lastig. Zelf ging ik gisteren in de fout tijdens Pauw en Witteman. Daar zat een in mijn ogen onaangename man, Cor Bosman van de PVV. Je weet wel, die man die Selçuk Öztürk, statenlid van de PvdA, een ‘stuk uitgekotst Halal-vlees’ had genoemd.

Ik plaatste tijdens de uitzending een aantal tweets. Zoals “Wat een aantrekkelijke vent, die bosman bij penw. sympathiek, open, eerlijk. Soort Emiel Roemer, maar dan anders.” en “Bosman, een heuse buurtsuperman! Kopstuk binnen de PVV.” Een stukje sarcasme naar de mensen toe. Moet kunnen. Maar daarna schreef ik:

Direct daarop kreeg ik commentaar van @douwemees (Niels van Lobberegt):

Ik sputterde nog wat tegen, weer ironisch, van dat het toch moet kunnen, vrijheid van meningsuiting en meer van dat soort standaard nieuwehufterexcuses. Maar Niels had beet en liet niet meer los.

Ik voelde eigenlijk meteen al dat hij gelijk had, maar was nog niet meteen bereid het toe te geven. Maar nu ik er nog eens over nagedacht heb, moet ik erkennen dat Niels gelijk heeft. Je kunt niet als moralist steeds weer hufters de maat nemen en dan zelf vervallen in dergelijke gratuite beledigingen. Want dat is het. De eerste twee tweets kunnen nog, omdat ze in ieder geval deels over de inhoud gaan. Die laatste was echter puur op het uiterlijk van Bosman gericht. En dat geeft inderdaad geen pas.

Dus, eerlijk is eerlijk, scherp gezien van Niels van Lobberegt en een leermomentje voor mij. Want, om met Freek de Jonge te spreken: “Ja, mensen, ik moet op mijn woorden passen. Maar… u moet nog veel beter op mijn woorden passen.”